In het begin van de jaren negentig ontmoet Stef de legendarische Zuid-Afrikaanse protestzanger Johannes Kerkorrel. Hij was het boegbeeld van de Voëlvry (Vogelvrij) beweging, een beweging die zich op culturele wijze, met woorden en muziek, verzette tegen de apartheidspolitiek van die dagen en juist de taal die ermee werd geassocieerd – het Afrikaans – ervoor gebruikte. Nog steeds kent de beweging een grote aanhang onder jonge Afrikaners.
Het begon allemaal met het nummer Awuwa dat Bos samen met Kerkorrel schreef. Het is een track waarin Nederlands, Afrikaans en Xhosa samenkomen. Vanaf dat moment werd Stef aangetrokken door het land, dat na de periode van apartheid aan een nieuw begin stond. Stef Bos: 'Zuid-Afrika was een land waar alles open lag. Waar een ongelofelijk optimisme voelbaar was en tegelijk de angst dat het goed verkeerd kon gaan. Yeoville in Johannesburg was toen wat Greenwich village in de zestiger jaren in New York was. Vrijgevochten, creatief en een optocht van authentieke mensen…'
Inspiratie
Maar Stef Bos hield het niet alleen bij samenwerking met Afrikaners. Ter verbreding van zijn muzikale horizon zong hij onder andere met Sibongile Kumalo voor Nelson Mandela zijn lied Zondag in Soweto. Hij maakte met Jy vir my Suid Afrika een anti-nationalistisch liefdeslied, dat werd geïnspireerd door het oude volkslied, waarbij hij sommige delen van de tekst een meer positieve draai gaf. Inmiddels woonachtig in Zuid-Afrika en getrouwd met de Zuid-Afrikaanse beeldend kunstenares Varenka Paschke, werkte hij, zuiver door ontmoetingen, samen met lokale en internationale bekendheden, zoals Louis Mhlanga, Vusi Maghlesela, Hugh Masekela, Rhay Phiri, Tu Nokwe, Amanda Strydom, Koos Kombuis, David Kramer, Thaliep Pietersen, Laurika Rauch en de hierboven genoemde Johannes Kerkorrel. De samenwerking kwam spontaan, omdat het klikte.
Taal
Stef leerde Afrikaans spreken. Het is een taal die door zowel 'wit-', 'bruin-' en soms 'swart mense' wordt gesproken, maar elk met zijn eigen culturele kleur. Hij deed zijn eerste pogingen om in die taal te schrijven en zingen. En met succes. De teksten voor Kloofstraat worden door de Afrikaners zelf zeer hoog ingeschat. Niet alleen vanwege de soms verrassende kijk van een buitenstaander, maar ook door de verbeelding en zijn kennis van de cultuur. Volgens lokale bekendheid Koos Kombuis (schrijver, dichter, songwriter en het geweten van de alternatieve muziek in Zuid-Afrika) behoort deze cd tot Stef's beste werk en zal de track Ons mors ons tyd moeiteloos onderdeel worden van de Zuid-Afrikaanse cultuur.
Met Kloofstraat richt hij zich dus specifiek op het Afrikaans. Het is een taal die de afgelopen eeuwen is ontstaan uit het Nederlands en het Vlaams en zich weinig lijkt aan te trekken van taalconventies en grammatica. Bij ons Nederlanders tekent zich bij het horen van deze taal altijd een glimlach rond de lippen. Het Afrikaans straalt een zekere jongheid en onbevangenheid uit.
De thema's van het album zijn gevarieerd. Van de liefde (Kloofstraat, Ons mors ons tyd), via zeelui op weg naar de Kaap in de 17e eeuw (Gebed), naar het heden en de realiteit in het land (Tydbom). Het is een ode aan de cultuur (Sout van die aarde, My vrou is huistoe en Gelukkig), maar ook een liefdesverklaring aan een taal. Een taal waarin je dingen kunt zeggen met dezelfde klank als het Nederlands, maar met een verbeelding die alleen op een continent als Afrika kan bestaan.
Bekend in Zuid-Afrika
Zuid-Afrikanen waarderen de muziek van Stef Bos. Als buitenstaander in een land waarin de culturele verschillen nog niet altijd gevierd worden is hij voortdurend bezig geweest muzikale bruggen te slaan. Omdat het mooie dingen oplevert, niet vanuit een politieke overtuiging. Maar zeker ook omdat hij nieuwsgierig is hoe Nederlands naast Afrikaans of Shona of Xhosa klinkt en je via een andere cultuur jezelf leert kennen. Laat dat de belangrijkste boodschap zijn.























Kloofstraat – Stef Bos














23 november 2011
26 september 2011









