Bij de totstandkoming van dit album in 1988 gaat een grappig verhaal vergezeld. Het verhaal wil dat ook de aanleiding tot de opnames voor dit album nogal opmerkelijk zijn.
Toen
Günter Gretz, de producer van dit album, met de groep
Les Amazones de Guinée op toernee was in toenmalig Oost-Duitsland, wilden ze de grens naar West-Duitsland oversteken. Controles aan de grens duurden nogal lang en het was een warme dag. Na een half uur kwam er een douanebeambte de bus in om de papieren te controleren. Sona begon een liedje te zingen en al snel volgde de hele groep al zingend en lachend. Nadat het zweet de douanier was uitgebroken en hij de bus had verlaten, had Gretz haar gevraagd wat zij precies gezongen had. Ze vertelde dat het liedje vroeg de douanier op te schieten want het was al zo warm.
Gretz vroeg haar te denken over het opnemen van een album en Sona zou erover denken. Na verloop van tijd belde ze op om te zeggen dat ze een aantal liedjes had, maar ze had maar tien dagen de tijd.
Ook de bonusnummers op de cd van de hand van broer
Sékou Diabaté vormen een verhaal apart. Omdat er iemand van de groep ziek geworden was, moest er een invaller komen om tijdens concerten te zingen. Wederom was het Gretz die aan Sékou vroeg te zingen, omdat hij dat tijdens zijn periode bij
Bembeya Jazz ook niet onverdienstelijk had gedaan.
Het resultaat is dus deze cd, die een ontspannen indruk geeft van de muziek die griots uit Guinee spelen.
Deze recensie verscheen eerder in de papieren editie van de Nieuwsbrief van Afrika-Stichting de Baobab.