In Lagos groeide ze op. ’Lagos is het New York van Nigeria. Als je iets wilt bereiken in de muziek, dan is dat de plaats waar je de beste kansen krijgt, maar ook waar het diepst kunt vallen.’
Als enig meisje in de familie moest Asa haar regelmatig afwezige ouders delen met drie broers. Ze paste op het huis en het was tijdens die momenten dat ze begon te zingen. De aandrang om te zingen was gekomen en ging niet meer weg. Ze zong liever dan dat ze sprak en door de platencollectie van haar vader hoorde ze de muziek van artiesten als Marvin Gaye, Fela Kuti, Bob Marley, Aretha Franklin, Sunny Adé, Ebenezer Obey en Lagbaja.
Asa was een eenzaam kind, ze voelde zich niet thuis in de gebruikelijke clichés en was niet gelukkig in haar wereld. Ze was anders en muziek werd een ontsnapping en een dagdroom. Ze ging vaak met haar broers naar het park om muziek te maken en te dansen maar nog vaker vluchtte ze in haar eigen wereld waar ze Michael Jackson en Bob Marley immiteerde voor haar denkbeeldige publiek. ’Het werd een gewoonte om nooit iets te doen wat andere mensen zouden doen en in de kerk wilden de koren niets met me te maken hebben. Ik moest als eerste komen wilde ik een plaats bij de microfoon kunnen bemachtigen.’
Haar moeder stuurde haar naar een van de beste scholen in het land, maar vijf jaar studeren maakte haar niet gelukkiger. Toen ze thuiskwam, ontdekte ze Erika Badu, D’Angelo, Rafaël Saadiq, Lauryn Hill, Femi Kuti en Angélique Kidjo. Hun voorbeeld wilde ze volgen. Ondanks dat ze bekend was met de frustraties van schoolstakingen en muzikale gezelschappen die niets van haar wilden weten kreeg ze de kans om haar stem te laten horen op de radio tijdens enkele talentenshows. Het applaus maakte haar gelukkig en in het geheim leerde ze gitaarspelen op een muziekschool.
Ze kreeg contracten aangeboden, geld en verzoeken voor concerten, maar Asa was vastbesloten om muziek te maken op haar manier en niet anders. Ze kwam in contact met de juiste mensen en begon liedjes te maken in het Engels en Yoruba, ergens tussen pop en soul, waarin ze haar eigen gevoelens kwijt kon. De teksten gaan over het land, de dingen in het leven, de dingen in haar leven, verpakt in naïviteit en ironie.
Het debuutalbum van Asa is een lekker album. Met een aantal nummers (waaronder Eyé àdaba) die je een brok in de keel kunnen bezorgen. Ik denk dat we nog veel van haar zullen horen, en niet alleen in het Afrikaanse circuit.
























Asa – Asa





























23 november 2011
26 september 2011










